24 uur in Death Valley: kampvuur, magisch licht en schoenen vol zand

Als ik aan Death Valley denk, dan denk ik aan dorre vlaktes, droogte en bizar hoge temperaturen. Als wij Death Valley National Park binnenrijden is het ‘maar’ 27 graden celcius en heeft de zon zich achter een dik wolkendek verstopt. Tot zover mijn eerste indruk. Na een redelijk korte rit vanuit Las Vegas komen we vroeg in de middag aan. We rijden direct door naar Furnace Creek Campground om een plekje te bemachtigen voor onze camper. Zodra we verzekerd zijn van een spot gaan we op pad om Death Valley verder te verkennen. Onze eerste stop: Badwater Basin.

Badwater Basin

Het allerlaagste punt van Noord-Amerika. Dat vind je hier, bij Badwater Basin, dat 85,5 meter onder de zeespiegel ligt. Het is een grote zoutvlakte, en het is de moeite om een flink stuk te lopen. Het wordt dan steeds rustiger. Een nadeek: doordat het zo uitgestrekt is lijk je al wandelend geen meter op te schieten. Even doorzetten dus.. ;-) Met temperaturen als deze kun je prima een flink stuk lopen. Bezoek je Death Valley in de zomer en kun je een eitje bakken op de motorkap van je auto? Bescherm jezelf dan goed tegen de zon en loop niet té ver.

Autoroute: Artist’s Drive

Op de terugweg richting Furnace Creek nemen we de Artist’s Drive, een eenrichtingsweg van 9 mijl door een rotsachtig landschap in de meest prachtige kleuren. De weg is smal en bevat enkele behoorlijk scherpe bochten, maar met onze camper van zo’n 20 feet nog goed te doen. Iets om rekening mee te houden als je met een camper reist: campers langer dan 25 feet zijn niet toegestaan op deze weg.

Kamperen zoals kamperen moet zijn

Tijdens een spetterende zonsondergang rijden we terug naar de camping, mét een nieuwe lading hout, zodat we een kampvuur kunnen maken. Dat is wat ik zo fantastisch vind aan deze manier van reizen: lekker veel buiten zijn, met een campingstoel rond je eigen kampvuur zitten en genieten van het landschap om je heen. De simpele wraps met guacamole, bonen en maïs smaken fantastisch en de biertjes staan koud. Wat heb je nog meer nodig?

Zonsopkomst bij Zabriskie Point

Een dag geen zonsopkomst meegemaakt is een dag niet geleefd. Wat een hel moet het zijn om met mij te reizen. En toch staat Ivo iedere keer braaf mee op, hoe vroeg het ook is. Lucky girl. In het donker rijden we naar Zabriskie Point, een populaire plek om de zonsopkomst te zien. Zabriskie Point ligt niet ver van de camping vandaan, dus we hoeven niet heel vroeg op deze keer. Heel langzaam laat de zon steeds meer van zich zien, waardoor het landschap telkens een beetje verandert.

Laatste halte: Mesquite flat sand dunes

Onze laatste stop in Death Valley National Park zijn de Mesquite flat sand dunes. Omdat de Mesquite flat sand dunes aan de doorgaande weg liggen zijn ze drukbezocht, waardoor het er nogal druk kan zijn. Ook hierbij is het advies: loop een flink stuk en dan laat je al gauw de meeste toeristen achter je. Tip: trek je schoenen uit en wandel op slippers. Enkele dagen later haalde ik nog steeds zand uit mijn schoenen. Probeer daarnaast vroeg op de dag te gaan of laat in de middag; in ieder geval niet op het heetst van de dag.

Death Valley: veelzijdig en verrassend

Niet verwacht, maar Death Valley bleek een enorme verrassing. De verschillende landschappen maken Death Valley echt een veelzijdige tussenstop. En dan hebben we een groot deel van het park nog niet eens kunnen zien door afgesloten wegen. Probeer in ieder geval minimaal één nacht te overnachten op deze één na heetste plek ter wereld: je krijgt er geen spijt van. Een laatste tip: gooi je benzinetank nog even vol voordat je het nationale park inrijdt. Er is wel een tankstation bij Furnace Creek, maar daar hangt een behoorlijk prijskaartje aan.

More from Eva

9 redenen waarom een roadtrip ultiem cool is

Je kunt mij wakker maken voor een roadtrip. In dit artikel geef...
Read More

12 Comments

Laat een reactie achter op Dominique | dominiquetravels.com Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *